HET BELEEFDE GENOT vzw

2019

                                           

 

 

Waar muziek echt over gaat

Zaterdag 7 december 2019

 

Dat Marc Erkens een buitengewoon pianist-verteller was, dat wisten wij, dus stonden de verwachtingen hoog gespannen. Deze verwachtingen werden perfect ingelost. Al vanaf het eerste ogenblik toen hij zich aan de piano zette en het allegro con brio van de sonate nr. 48 van Joseph Haydn uit zijn vingers toverde, wisten wij het al: dit wordt genieten!

Doorheen de sonate hoorden wij ook een verborgen Happy Birthday, dit op vraag van één van de aanwezigen.

Zijn gesproken inleiding was een beknopte vooral de levensgeschiedenis van Joseph Haydn, maar ook poneerde hij de stelling dat deze sonate (van sonare = weerklinken), hoe mooi ook, over niets gaat. Hoe je muziek beleeft dat hangt helemaal van jou af. Dat was ook bij de componisten zo en zeker tot diep in de 18de eeuw, maar toen de Romantiek in de 19de eeuw verscheen, zouden de componisten hun hele zielenleven in hun muziek gaan leggen. Hierbij was Chopin een uitstekend voorbeeld, Marc Erkens vertelde over zijn eerste successen in Wenen en van zijn reis naar Engeland die echter strandde in Parijs, waar hij dan ook gebleven is. Erkens speelde de Nocturne op. 9 nr. 2 van Chopin om zowaar over te schakelen op een song van Metallica. Muziek is muziek vernamen we toen. Componisten zijn kunstenaars die hun eigen emoties op ons projecteren zodat wij ze herkennen als de onze. Verder volgde nog een lijntje Satie, zo te horen ook aangevraagd door een man in de zaal voor de verjaardag van zijn vrouw. Daarna een beetje muziektheorie op zijn Erkens, die met de microfoon onder zijn oksel muzikale toelichting gaf bij zijn vertelling. En tussendoor weer vele voorbeelden: het 2de van de Sechs kleine Klavierstücke van Arnold Schönberg, Beethoven, een pianoversie van Ravels Bolero, ook Gershwin hoorden wij en zelfs het Hallelujah van Leonard Cohen. Maar besloten werd met de aria uit de Goldbergvariaties van Bach, het lievelingsstuk van de pianist.

Een prachtige avond, afgerond met een hapje en een drankje, aangeboden door de Gemeente Zedelgem.

 

Wachet auf ruft uns die Stimme - een cantate van Bach

Zondag 24 november 2019

 

Zondag 24 november verwelkomden we Sigiswald Kuijken in de Sint-Martinuskerk van Loppem.

Hij hield er een lezing over Bachs cantate ‘Wachet auf ruft uns die Stimme’ (BWV140).

Alvorens met zijn uitleg te beginnen speelde hij het Adagio uit de eerste sonate voor viool solo van Bach (BWV 1001), een mooie inleiding op de cantate, die hij deel der deel becommentarieerde en dan het stuk in kwestie liet horen, uiteraard in de versie van La Petite Bande onzer zijn leiding.

De cantate is gebaseerd op het koraal Wachet auf, ruft uns die Stimme (1599) met tekst en melodie van Nicolai. De drie strofen zijn letterlijk overgenomen in deel 1, 4 en 7 van de cantate met tussenin twee recitatieven en twee wonderlijk mooie duetten voor sopraan en bas: ‘Wenn komst du mein Heil?’ en ‘Mein Freund is mein!”.

Veel van de teksten zijn schatplichtig aan het Hooglied en aan de parabel van de wijze en dwaze maagden uit Matteüs.

Na een korte pauze werd dan de hele cantate zonder onderbreking hernomen. Een mooie afsluiter en een mooie inzet voor de deze laatste zondag voor de advent.

 

 

 

Handelaar in zestiende noten - Claude Debussy

Zondag 10 november 2019

 

Arne Deforce begon zijn lezing met een mooi citaat van Claude Debussy, het vormde meteen de rode draad voor het vervolg van zijn uiteenzetting. 'Hartstochtelijk houd ik van muziek, en gedreven door die liefde probeer ik haar te bevrijden uit de steriele tradities die haar omklemmen. Het is een vrije, levende kunst voor de buitenlucht, een kunst die vergelijkbaar is met de wind, de hemel, de zee!'.

Bevrijden en buitenlucht zijn hier sleutelwoorden. Niet de vertellende mens met zijn emoties uit de romantiek, maar de natuur die zich aan de kunstenaar opdringt. In navolging van de impressionisten - Debussy zelf vond dat hij geen impressionist was, maar eerder een Debussist, wat veel zegt over zijn karakter - laat hij zich leiden door momentopnamen die hij dan auditief vertaalt in verrassende akkoorden, in melodische constructies die heel futiel zijn, die nergens naar toe gaan.

Arne Deforce illustreerde de muziek van Debussy met voorbeelden van eerst Maurice Ravel, Le lever du jour uit Daphnis et Chloé en dan met enkele préludes van Debussy: Le vent dans la plaine, Cequ'a vu le vent d'Ouest, Des pas sur la neige en Feux d'Artifice (de titels alleen al!) en tenslotte hoorden wij enkele maten uit het derde deel van La Mer.

 

 

 

De gewapende man ontwapend - de polyfonie van de Franco-Flamands

Zondag 20 en 27 oktober 2019

 

Een gesmaakt ontbijt en dan een ontdekkingstocht naar de polyfonisten van Frans-Vlaanderen en Vlaanderen uit de 15de en 16de eeuw.

Bart Madou vertrok vanuit een profaan lied uit het midden van de 15de eeuw, L'homme armé. Die melodie diende als cantus firmus voor het ordinarium van bijna 40 Latijnse missen. Zes ervan zijn anoniem, hoewel musicologen er de stijl van Giullaume Dufay en Antoine Busnois in menen te herkennen. Van Dufay is trouwens een Missa super L'homme armé bekend, maar ook componisten als Johannes Ockeghem, Josquin Desprez, Pierre de la Rue, Jacob Obrecht, Jean Mouton enz. componeerden een mis op L'homme armé. Ook buiten Vlaanderen lieten componisten zich inspireren op dit lied: Palestrina componeerde zelfs twee missen op L'homme armé en verder Cristobal de Morales, Carissimi...

In navolging van Paul Van Nevel werd nagegaan in hoeverre het landschap en de kathedralen invloed hebben gehad op de scheppingen van deze polyfonisten. Er werd ook ingegaan op historische bronnen met vooral de Albums De Croÿ en de Descrittione di tutti i Paesi Bassi van Lodovico Guicciardini uit 1567.

Zelfs hedendaagse componisten vonden inspiratie in L'homme armé: Peter Davies, Poul Ruders, Mark Alburger, Christopher Marshall, maar vooral Karl Jenkins met zijn Mass for Peace.

 

 

Van steen tot boek - Griekse epigrammen

Zondag 6 oktober 2019

 

Van onbekend naar onbemind naar bekend en bemind: Griekse epigrammen. Op een gedreven manier wist professor Kristoffel Demoen ons te verrassen met enkele pareltjes uit de Griekse poëzie.

Epigram, letterlijk opschrift en vaak een inscriptie op een steen, een kei, een pot. Veelal een grafschrift, maar evengoed een puntdicht, meestal ondeugend of eindigend op een pointe. De eerste epigrammen verschijnen al tijdens het ontstaan van de Ilias, je zou ze het begin van de poëzie kunnen noemen.

Bekend is de Anthologia Palatina, een bloemlezing van wel 3700 Griekse epigrammen van de 7de eeuw voor onze tijdrekening tot de 6de eeuw erna, bestaande uit vijftien boeken, thematisch gerangschikt: erotische epigrammen, grafschriften, votief epigrammen, homo-erotische epigrammen, beschrijvende epigrammen enzovoort.

De Anthologia Palatina bevindt zich voor het grootste deel in Parijs en voor het andere deel in Heidelberg.

Niet onbelangrijk zijn uiteraard de vertalingen. Ze kwamen van Patrick Lateur, Paul Claes, Helene Nolthenius, Marietje d'Hane-Scheltema, Ida Gerhardt, Hugo Claus en van Kristoffel Demoen zelf.

 

 

Presto no son più forte - over James Joyce

Zondag 22  september 2019

 

James Joyce, Ulysses en Geert Lernout: een drievuldigheid. Geert Lernout, intussen al meer dan 45 jaar bezig met James Joyce, wist alle aanwezigen te boeien met zijn gesmaakte lezing. Dat het vooral over Ulysses - het moeilijkste en beste (?) boek van de XXe eeuw - ging was geen verrassing. Prof. Lernout probeerde ons te overtuigen van het belang van de roman die zich afspeelt in Dublin op één dag: 16 juni 1904 (nou ja, eigenlijk duurt het verhaal tot na middernacht).

Joyce was een vernieuwer op veel gebieden, misschien nog het meest door als eerste voluit te putten uit onderwerpen van de (Griekse) mythologie, in casu de Odysseia van Homeros. Daarin werd hij sindsdien gevolgd door talrijke andere schrijvers. Lernout noemde hem daarom een meester-schrijver.

Ulysses werd in 1922 uitgegeven en dat deze roman voor het proza betekende, dat betekende The waste Land van T.S. Eliot.

Aan de hand van enkele voorbeelden liet Geert Lernout ons kennis maken met de finesses van de taal van Joyce en enkele typische kenmerken van zijn proza.

Ulysses, het blijft een monument in de wereldliteratuur.

 

 

Nie Wiem - van de drop in de regen

Zaterdag 17 augustus 2019

Eerst een poëtische wandeling langs het Zuidervaartje waarlangs tien gedichten van Wisława Szymborska te vinden waren.

Marie-Claire en Carine lazen afwisselend het opgestelde gedicht voor, waarna Bart telkens enkele anekdotes uit het leven van Szymborska ten gehore bracht.

Bij elk gedicht begon het iets meer te regenen, zodat besloten werd de laatste twee gedichten voor in d’ Oude Schole te houden waar we eerst in de cafetaria onze dorst gelest hebben en daarna de tentoonstelling bezocht hebben.

Een mooie dialoog tussen de poëzie en de collages van Szymborska en het werk van (collage-)kunstenaars Sammy Slabbinck, Luc Fierens, Ria Verhaeghe en Stefaan De Croock (Strook). Schilder van stenen Bruno Van Dycke en beeldhouwer Bart Leenhouwers vervolledigden de tentoonstelling.

De dag werd besloten met een gezellige maaltijd in Du Phare.

 

 

 

Ciao Marcello ! - over Marcello Mastroianni

Zondag 14 juni 2019

Deze maal geen auteur maar een echte filmster en wat voor een !

 

Jan Vandekerckhove schreef een mooi boek over Marcello Mastroianni en stelde dit voor aan het publiek. Hierbij had hij het ook over zijn liefde voor Italië en het Italiaans. Zijn eerste kennismaking met de stem van Mastroianni en dat dit de doorslag gaf om meer te weten te komen over deze bijzondere man.

 

Uiteraard kwamen naast veel biografische weetjes ook de films waarin Mastroianni schitterde aan bod. Een interessant fragment was een scène uit Mi ricordo, sí, io mi ricordo, zijn laatste film.

 

Jan Vandekerckhove brak ook een lans voor de zwart-wit film, die hij  tijdloos noemde, een mooi object dat niet veroudert. De kijker weet vanaf het eerste beeld dat hij wellicht een iets romantischere, poëtischere, fragielere film te zien zal krijgen.

 

 

 

Als op een winternacht... - over Italo Calvino

Zondag 2 juni mei 2019

Opnieuw professor Geerts, dit keer over Italo Calvino Tijdens WO II vocht Calvino tegen zowel Duitse als Italiaanse fascisten.

 

Hij begon met het schrijven van een verzameling verhalen gebaseerd op zijn ervaringen tijdens de oorlog.

 

Natalia Ginzburg en Cesare Pavese moedigden Calvino aan om een roman te schrijven.
In de jaren vijftig produceerde Calvino een aantal opmerkelijke werken en verhalen uit vroegere tijden met een vleugje humor en fantasie.

 

Tegen het midden van de jaren vijftig bracht Calvino het grootste deel van zijn tijd door in Rome, op dat moment het politieke en literaire centrum voor Italianen. Italo Calvino stierf op 19 september 1985 op 61-jarige leeftijd in Siena.

 

 

De bekentenissen van Svevo - over Italo Svevo

Zondag 19 mei 2019

Onze eerste lezing in het woonzorgcentrum Regina Cœli te Sint-Andries: een goede keuze zo is gebleken en ook het onderwerp, de Italiaanse schrijver Italo Svevo viel in de smaak. Dit was voornamelijk te danken aan de enthousiaste benadering van professor Walter Geerts.

 

Italo Svevo (1861-1928), vandaag – zeker in niet-Italiaanse milieus – vrij onbekend, leefde ook in zijn tijd wat op de achtergrond, maar zoals Professor Walter Geerts aangaf: plaats hem maar gerust naast Musil, Hofmannsthal, Roth en Joyce. Svevo, heeft zijn geboortestad Triëste nauwelijks verlaten.

 

Walter Geerts ging uitvoerig in op zijn drie belangrijkste romans: Una Vita (Een leven), Senilità (Een man wordt ouder) en zijn hoofdwerk La coscienza di Zeno (Bekentenissen van Zeno) uit 1923, ‘incontournable’ in de modernistische literatuur. Het is een subliem huwelijk tussen heerlijke literatuur en fijnzinnige psychoanalyse.

 

Ook vandaag is het een plezier om deze roman te lezen, maar dit geldt ook voor zijn andere proza.

 

 

9de Thomas Mannlezing door Patrick Loobuyck

Zondag 5 mei 2019

In een vlotte en geanimeerde stijl wist Patrick Loobuyck zijn toehoorders een uur lang te boeien. Hij had het over de huidige impasse die het ‘wij-zijn’-denken vandaag beheerst en vaak tot ongenuanceerde uitspraken aanleiding geeft. De reden is, voor groot deel althans, te wijten aan de verandering die onze samenleving de voorbije decennia heeft ondergaan. God is dood en dat zullen we geweten hebben: onze maatschappij is danig geseculariseerd en kijk, nu velen van ons dat nog niet helemaal verwerkt hebben, is daar een andere voor ons vreemde religieuze levensbeschouwing die ons bereikt, die ons verrijkt volgens de enen, overspoelt volgens de anderen.

Wij contra zij of wij samen met zij? Het leidt doorgaans tot steriele discussies. Patrick Loobuyck pleitte in zijn lezing daarom om meer redelijkheid, meer gezond verstand, meer inzicht door objectieve feitenkennis en vooral door ons niet zo aan ons eigen gelijk te willen houden, maar ook eens met empathie de standpunten van de ander geduldig te willen aanhoren.

Een verrijkende lezing die Patrick Loobuyck in zijn boek ‘Leven met gezond verstand’ verder heeft uitgewerkt.

 

 

 

Alles voelen op alle wijzen - Fernando Pessoa

Zondag 7 april 2019

 

Een van de aanwezigen verwoordde het zo: ‘Onlangs was ik op de lezing van gedichten van Pessoa en dat was een ware ontdekking! De onthechting is compleet bij het lezen van zijn gedichten! Geen metafysica meer, geen filosofie, geen politiek, geen wetenschap alleen genieten op je stoel in de zon van de opdwarrelende blauwe rook van je sigaret. “Zijn" zonder daarbij na te denken.’

Zijn zonder daarbij na te denken, want het zijn en het denken zit in zijn poëzie en in die van zijn belangrijkste heteroniemen: Alberto Caeiro, Ricardo Reis en Alvaro de Campos.

Van al deze dichters droeg Leen Vermeiren gedichten voor in de vertaling van August Willemsen, zelfs een tweetal in het Portugees. Zo konden wij luisteren naar Wanneer de lente komt, In ons leven tallozen, Soms op dagen van volmaakt en zeer scherp licht, Wat wij zien van de dingen zijn de dingen, De Taag is mooier dan de rivier die stroomt door mijn dorp en nog een twintigtal andere gedichten.

Na de voorstelling werd nog de kortfilm A Hora (Het uur) van de Vlaamse cineaste Katja Louisa Stonewood vertoond, gebaseerd op de novelle van Fernando Pessoa Het uur van de duivel.

‘Ga zitten in de zon. Doe afstand / en wees koning van jezelf’ (Ricardo Reis)

 

 

 

Zwarte lijsten - literatuur in dictaturen

Zondag 17 maart 2019

Waar beginnen? vroeg professor Arvi Sepp zich af. En dat begin was Martin Heidegger: zijn oproep in 1933 aan de Duitse studenten tot 'Gleichschaltung' ofte gelijkschakeling. Karl Jsapers kon er niet inkomen waarom zijn collega-filosoof het zo op Hitler begrepen had. Heidegger antwoordde: 'Die wunderliche Hände...', een allesbehalve filsofisch antwoord.

Arvi Sepp ging dieper in op de organisatie van het ministerie van Propaganda, geleid door Goebbels. Hoe ook de Schone kunsten en de literatuur er deel van uitmaakten, hoe je als kunsetnaar of schrijver verplicht werd toe te treden en geacht werd enkel het Duitse te verdedigen en het niet-Duitse af te zweren. Als voorbeeld haalde hij de dichter Gottfried Benn aan, die aanvankelijk heil zag in het Nationaal Socialisme maar na korte tijd toch het demonische ervan inzag en zich terugtrok. En dan kwamen de beruchte en minutieus georchestreerde boekverbrandingen. In elke Duitse stad werd op hetzelfde moment volgens een gelijkaardig programma deze ceremonie opgevoerd (begonnen werd met de Egmont-ouverture van Beethoven, waarna toespraken volgden en tussendoor leuzen tegen de ontaarde schrijvers geroepen werden door studenten).

Een vergelijking met het Stalinisme in de Sovjet-Unie kon niet ontbreken. Hier verwees Arvi Sepp ook uitgebreid naar het gebruik van Samizdat, Tamizdat en Magnitizdat. Tenslotte werd er ook aandacht besteed aan de situatie in de DDR, waar van de ene dag op de andere de vrienden van vroeger de vijanden werden en omgekeerd.

 

Théodore Géricault - Het vlot van de Medusa

Zondag 3 en 10 maart 2019

Ons eerste intiem salon ging over Théodore Géricaults beroemde schilderij Het vlot van de Medusa.

Na een gesmaakt ontbijt konden we kennismaken met de ontstaansgeschiedenis, de inhoud en de compositie van dit iconische schilderij uit 1819. Vooraf echter werd er stilgestaan bij de aanleiding van dit schilderij, met name de schipbreuk van het fregat Medusa, op weg naar Senegal. Dertien dagen dobberde het vlot rond, van de 150 man aan boord bleven er ten slotte nog 15 uitgeteerde en door weer, wind en zon geteisterde mannen over toen ze gered werden.

Géricault had zijn schilderij gemaakt voor het Salon de Paris van 1819. Hij hoopte dat het Franse hof zijn werk zou aankopen, maar dat gebeurde niet. Pas na zijn dood werd het voor 6005 francs verkocht aan het Louvre, waar het nog altijd te bezichtigen is.

In tegenstelling tot veel van zijn voorgangers, schilderde Géricault ‘gewone helden’, geen heroïsche figuren uit de Napoleontische tijd, maar slachtoffers van het brute natuurgeweld, hun vertwijfeling, de gelatenheid van enkelen, de hoop van anderen. Ook al lag de scheepsramp van de Medusa politiek erg gevoelig in het toenmalige Frankrijk, het schilderij was zeker niet bedoeld om te provoceren.

 

 

Eenzaamheid is bedreigend - over Orhan Pamuk

Zondag 24 februari 2019

Na een ruime inleiding over Wereldliteratuur, de Nobelprijs voor literatuur en een beknopt overzicht  van de Turkse geschiedenis focuste prof. Jürgen Pieters zich op de figuur van Orhan Pamuk.

Hij is geboren in een rijke familie, dankzij het fortuin van zijn grootvader aan vaders kant en woonde van kindsbeen af in een rijke verwesterde buurt van Istanbul. Dat hij als schilder wou debuteren is merkbaar in zijn romans, waarin het visuele een grote rol speelt. Zijn werk is doordrongen van de spanning tussen Oost en West, tussen traditie en moderne tijd.

Een belangrijke plaats in zijn werk wordt ingenomen door ‘hüzük’, nog het best te vertalen als (Turkse) melancholie, een melancholie waaruit men ook troost kan putten. Zowel Pamuk als zijn personages lijden er onder.

Jürgen Pieters besprak tot slot heel kort een drietal werken: Ik heet Karmozijn, Sneeuw en Het Museum van de onschuld.

 

 

 

De stenen van Venetië - over John Ruskin

Zondag 27 januari 2019

Over John Ruskin valt veel te vertellen, teveel eigenlijk en bijgevolg was anderhalf uur te weinig om leven en werken van deze excentrieke kunstcriticus, aquarellist, tekenaar, schrijver, ethisch denker... uitgebreid voor te stellen. Toch begon Peter Desmet met een vrij omvangrijke inleiding over de Preraphaëlieten en William Turner. Terwijl deze schilders in hun tijd neergesabeld werden en de meest vulgaire scheldpartijen over hun hoofd kregen, was John Ruskin de eerste en hevigste verdediger van deze 'modernen'.

Zoon van iemand die het gemaakt had in de industriële wereld, kwam hij al vroeg in contact met de nieuwe kunst van zijn tijd; zijn vader kocht namelijk nogal wat schilderijen van Turner. Privélessen tot zijn 17de en dan student aan Oxford. Intussen werd er een huwelijk gearrangeerd met Euphemia 'Effie' Gray. Een huwelijk dat er in feite geen was, want om onduidelijke redenen nooit geconsummeerd. Effie geraakt bovendien verliefd op de Prerafaëlitische schilder John Everett Millais met wie ze later zou trouwen. Haar huwelijk met Ruskin werd 'geannuleerd', aangezien de twee wettelijk niet konden scheiden. In zijn verder leven kwam Ruskin vooral op voor de Lower classes in de Engelse maatschappij. Zijn invloed was groot, maar nadat hij een proces verloren had tegen de schilder Whistler, omdat hij één van zijn schilderijen 'een pot met verf' had genoemd, was het zowat gedaan met zijn invloed. Zijn geestelijke vermogens gingen zienderogen achteruit en in januari 1900 stierf hij, 80 jaar oud.

 

 

 

  ARCHIEF                   SPREKERS

                                 2006 - 2018                                                                      

 

 

© Copyright 2019  ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN

Het Beleefde Genot vzw - Doornlaan 8 - 8210  Zedelgem
tel
0498 73 58 73 - www.hetbeleefdegenot.be - hetbeleefdegenot@scarlet.be
BTW
BE 0893.747.805  - rekening IBAN: BE71 0014 8517 3969 (BIC: GEBA BE BB)

Laatst bewerkt: 08 december 2019